De valutamarkten bewogen vorige week binnen nauwe marges. Dit was het gevolg van een lage marktactiviteit, mede door de verkorte handelsweek rondom de Amerikaanse feestdag op 4 juli. De dollar leverde wat terrein in na de publicatie van banencijfers die net onder de verwachtingen uitkwamen. Hiermee lijkt de opwaartse trend van de dollar sinds begin mei voorbij. Markten kijken nu uit naar nieuwe signalen van centrale banken voor hun volgende stappen. Dankzij meevallende inflatiecijfers zijn de verwachtingen voor renteverhogingen door de belangrijkste centrale banken getemperd. Hoewel de markt ervan uitgaat dat de volgende rentestap binnen de G10 een verhoging zal zijn, is het onduidelijk welke centrale bank het voortouw neemt. Voor de VS, de eurozone en het VK wordt er vóór eind 2026 geen volledige renteverhoging meer verwacht.
De macro-economische en politieke agenda is deze week erg rustig, waardoor de markten naar verwachting in een zomerrust blijven hangen; grote valutaschommelingen liggen dan ook niet in de lijn der verwachting. Beleggers kijken nauwelijks meer om naar de onderhandelingen tussen de VS en Iran, en ook de oliemarkt houdt nagenoeg geen rekening met nieuwe conflict-risico's. Het belangrijkste ijkpunt deze week is de publicatie op woensdag van de Fed-notulen van de juni vergadering, de eerste onder leiding van de nieuwe voorzitter, Kevin Warsh.
EUR
Het eerste rapport over de inflatie in de eurozone voor de maand juni bracht goed nieuws voor de ECB. Zowel de algemene inflatie als de kerninflatie daalden sneller dan verwacht. De sprekers van de ECB in Sintra bleven voorzichtig. Ze lieten weten dat de centrale bank alle opties openhoudt en zal reageren op basis van de komende cijfers. De markten schuiven de eerste renteverhoging echter al vooruit.
Ze schatten de kans op een actie in september niet hoger dan 50%. Nu de centrale banken een afwachtende houding aannemen, lijkt het renteverschil tussen de VS en Europa te stabiliseren. Wij denken dat de euro een sterke steun heeft gevonden rond de laagste niveaus van de afgelopen tijd tegenover de dollar.
USD
Het Amerikaanse banenrapport over juni was weliswaar licht teleurstellend, maar volgt op twee maanden met sterke cijfers. Omdat dit soort macro-data de laatste tijd volatieler en minder betrouwbaar zijn, is het raadzaam om naar het driemaandsgemiddelde te kijken in plaats van sterk te reageren op een momentopname. De trend blijft positief en de Amerikaanse arbeidsmarkt blijft herstellen na de vertraging van eind 2025.
De Amerikaanse economie groeit nog steeds in een solide tempo van ongeveer 2,0%. Als we hier de recente maandelijkse kerninflatiecijfers (tussen 3% en 4% op jaarbasis) bij optellen, lijkt de vraag over de renteverhogingen niet meer of ze er komen, maar wanneer.
GBP
In een verder rustige week verschoof de aandacht in het VK naar Andy Burnham, de waarschijnlijke opvolger van Keir Starmer als premier. Het Britse pond kreeg steun toen Burnham herhaalde dat hij zich strikt aan de begrotingsregels wil houden en zijn adviseurs aangaven geen nieuwe belastingverhogingen te plannen. Hoe hij zijn plannen voor sociale uitgaven en infrastructuur gaat financieren, blijft vooralsnog onduidelijk.
BoE-gouverneur Andrew Bailey klonk tijdens de Sintra-conferentie echter verrassend mild, wat ertoe leidde dat de markt de verwachting voor een eerste Britse renteverhoging opschoof naar 2027. Desondanks blijft het pond beter presteren dan de euro; de munt is inmiddels uitgebroken uit de nauwe bandbreedte waarin zij gedurende heel 2026 ten opzichte van de euro bewoog.
Deep dives and expert insights:
- G10 currency market report - Get the latest analysis on major currencies.
- G10 FX Outlook - July 2026
- FX Talk: Keir out, Burnham in - what happens to the pound?
